RENTE 21-4-2017 10:38:00

Dit is waarom de kortlopende rentes zo laag zijn


Fotobron: Freeimages.com

De korte marktrentes zijn zelfs beneden de, sinds juni 2014 negatieve, depositorente van de ECB komen te liggen. Dit is volgens DNB één van de neveneffecten van het aankoopprogramma in het eurogebied. Echter, ondanks deze daling kan de ECB de korte marktrentes nog steeds sturen via de depositorente.

De rente op de depositofaciliteit (DFR) van de ECB is de vergoeding die banken krijgen over het geld dat zij aanhouden bij centrale banken in het eurogebied (het Eurosysteem). Voor banken vormt deze rente de ondergrens voor het uitlenen van geld; het Eurosysteem is voor banken namelijk de veiligste plek om geld aan te houden en elk alternatief vraagt om een hogere rente.

Logischerwijs zou de DFR binnen financiële markten dan ook als bodemrente moeten fungeren - zoals dat ook voor de crisis het geval was. Wanneer rentes onder de DFR zakken, hebben banken immers de prikkel om tegen deze lagere rente te lenen en dit vervolgens bij de centrale bank te stallen om zo het verschil met de DFR als winst te verzilveren. Dit wordt 'arbitrage' genoemd.

Korte marktrentes dalen onder de depositorente

Sinds het Eurosysteem via grootschalige aankoopprogramma’s extra liquiditeit injecteert zijn rentes op relatief kortlopende staatsobligaties van diverse eurolanden langzaam onder de DFR gedaald. Deze gestage daling wordt volgens DNB door drie factoren gedreven: 1) de toenemende overliquiditeit; 2) balansfricties voor banken in het arbitreren tussen de DFR en korte marktrentes en 3) de aankopen van kortlopend staatspapier door het Eurosysteem beneden de DFR.

Toenemende overliquiditeit

Onder het aankoopprogramma koopt het Eurosysteem via banken obligaties van beleggers die geen toegang hebben tot de depositofaciliteit van de ECB. De verkopende belegger, bijvoorbeeld een pensioenfonds of buitenlandse belegger, krijgt het verkoopbedrag bijgeschreven op de rekening-courant bij zijn bank die op haar beurt extra tegoed krijgt op haar rekening bij het Eurosysteem. Voor institutionele beleggers is het normaal gesproken echter onwenselijk om zonder onderpand (ongedekt) grote bedragen bij één partij aan te houden. Dit geldt ook voor rekening-couranttegoeden bij banken. Daarom kiezen zulke partijen voor alternatieven; ze kopen bijvoorbeeld kortlopende staatsobligaties of vragen staatspapier als onderpand bij kortlopende leningen (zogenoemde ‘repo-transacties’).

De met de huidige aankoopprogramma’s gepaard gaande liquiditeitsinjecties vergroten dan ook de vraag naar deze alternatieven. Tegelijkertijd verkleint het Eurosysteem het aanbod van deze alternatieven door maandelijks voor tientallen miljarden aan staatsobligaties uit de markt te halen. Door deze grotere vraag en lager aanbod zakken rentes op kortlopende staatsobligaties en door staatspapier gedekte repo-transacties steeds verder onder de DFR.

Balansfricties voor banken

Institutionele beleggers die geen toegang hebben tot de depositofaciliteit van de ECB, zijn momenteel dus bereid om tegen rentes beneden de DFR geld te lenen aan overheden en andere partijen. In theorie zouden banken bij deze lage rentestanden actief geld moeten aantrekken en storten op de depositofaciliteit om dit renteverschil ‘weg te arbitreren’.

Banken doen dit echter niet volledig, omdat dit type arbitrage hun balans verlengt; vanwege wet- en regelgeving is dit kostbaar voor hen. Naarmate de overliquiditeit toeneemt en alternatieven schaarser worden, moeten marktrentes dan ook verder onder de DFR dalen om vraag en aanbod in evenwicht te houden.

Eurosysteem koopt sinds januari staatsobligaties beneden de DFR

Als gevolg van haar zoektocht naar voldoende opkoopbare obligaties koopt het Eurosysteem sinds januari 2017 ook waardepapieren met rentes beneden de DFR. Voor die tijd vonden er geen aankopen plaats in dit marktsegment. Deze grotere vraag heeft korte marktrentes verder naar beneden geduwd. Staatsobligaties handelen echter al langer beneden de DFR. De aankopen beneden de DFR verklaren dan ook maar voor een beperkt deel het verschijnsel van rentes onder de DFR.

DFR blijft cruciaal ankerpunt voor rentes in financiële markten

Wanneer het verschil tussen korte marktrentes en de DFR verder oploopt, neemt de prikkel voor banken om te arbitreren toe. Tegelijkertijd hebben institutionele beleggers een sterkere prikkel om naar andere kortlopende waardepapieren over te stappen, een breder spectrum aan onderpand voor gedekte kortlopende leningen te accepteren of grotere bedragen ongedekt uit te zetten.

De DFR blijft volgens DNB dan ook een cruciaal ankerpunt voor rentes in financiële markten. De ECB kan korte marktrentes daarmee nog steeds sturen via de DFR.

Wat denkt u?

pagehit